You are currently browsing the monthly archive for december 2006.
Tantieris gooit me een stokje toe. Ze wil dat ik zes rare dingen over mezelf vertel. Daar ga ik niet al te lang over nadenken. Wat er eerst in me opkomt, is wat u hier te lezen krijgt. A-hum.
1. Ik heb een opruimdwang-tijdens-het-koken. Ik kan er gewoonweg niet tegen dat mijn aanrecht vol staat/ligt. Dus ruim ik constant alles op, ook die dingen die ik eigenlijk nog nodig heb en dus vijf minuten later weer moet uit de kast/afwasmachine halen. Mijn ventje krijgt er de kriebels van.
2. Een tic van mij is dat ik telkens met mijn vingers mijn wenkbrauwen “kam”. Ik kan er niet tegen dat de haartjes van mijn wenkbrauwen alle richtingen uitstaan.
3. Ik eet het liefste chocolade in combinatie met een boterham. Gewoon een reep chocolade, puur, dat vind ik teveel van het goede.
4. Ik heb nog geen enkele reeks gezien à la Lost, Prison break…alleen naar Rome heb ik al gekeken. Omdat dat niet onderbroken werd door reclameblokken van drie kwartier.
5. Ik heb een verschrikkelijke uitsteldwang. Zeker als ik moet studeren, zoals nu.
6. Ook al is het naar het schijnt een erg ongezonde gewoonte: het liefste wat ik doe is eetlezen. Als ik nadenk over wat ik zou doen als ik véél tijd zou hebben, dan is het lezen en eten, tegelijk. Uren aan een stuk ontbijten met de krant. Heerlijk.
(via mijn grote broertje)
Mannekes, we zullen er kort over zijn: met zo’n nummer één wil niemand verder nog in die lijst figureren. Toch wil ik iedereen bedanken die op mij gestemd heeft. Dat doet deugd. En verder doe ik gewoon voort zoals ik bezig was. Zolang ik er mij mee amuseer, tenminste. Dat spreekt.
Schrijven, ik heb het altijd tof gevonden. Als sinds mijn twaalfde heb ik een dagboek. Toen schreef ik trouwens naar mijn virtueel vriendje Christian, genoemd naar de hoofdpersoon uit “Kinderen van moeder aarde” van mijn toenmalige lievelingsauteur Thea Beckman. Hihi.
Nu ben ik vooral blij dat ik op deze manier een paar zielsverwanten heb leren kennen die ik anders nooit tegen het (virtuele) lijf zou gelopen zijn, wegens veel te drukke agenda en reeds veel te vol adresboekje. Zoals demus & littl’q, molady, lilith, michael, dipfico…
Hopelijk allemaal nog lang en veel. Cheers!
‘t Is vandaag haar naamdag, begod, dus gaan we het eens over Frieda hebben. Ik vind dat een fantastische madame. Ge moet het maar doen, Uytterhoeven opvolgen. Maar zij heeft dat schitterend gedaan. Ze is volledig overeind gebleven. En veel meer dan dat. Gisteren bijvoorbeeld, tijdens de laatste “de laatste show” was ze subliem. Haar interview met Rudi Vranckx was van een boventelevisionele schoonheid. Wat een man! En wat een madame. Ik kijk al uit naar ‘t volgend seizoen, al kan ik “de slimste mens” ook wel smaken. Nu met Rik Torfs in plaats van Marc Reynebeau, yesss!
Er is op 100 meter van ons huis een factory outlet store geopend. En niet zomaar één, oh nee! Want welke fabriek is er hier in Koekelberg gevestigd? Inderdaad: de enige, echte Godiva factory! Naast het metrostation Simonis is dat. En nu zijn ze op het überzalige idee gekomen om daar een outlet store te vestigen. Ciao, ragazzi! Ik moet gaan. Geen tijd te verliezen!
Hij kwam binnen in de leeszaal van de bib waar Angie achter de balie stond, met zijn grote grijze slobbertrui en zijn prachtige groene ogen en ze was meteen verloren. Coup de foudre, zoals dat heet. Hij was groot, breed, blond. Fysiek helemaal haar type. Het zou nogal vreemd zijn moest zij, met haar één meter achtenzeventig, haar vrouwelijke vormen en haar rosse krullen, op kleine, schriele, donkere kereltjes vallen. Nee, voor Angie mocht er pak aan zijn.
Zij deed wat ze altijd deed in zo’n geval: er geen gras over laten groeien. Playing hard to get, of het schuchtere meisje spelen, ze had daar nooit het nut van ingezien. In tegendeel, ze maakte gewoon meteen duidelijk dat ze hem wel leuk vond. Dus ze lachte wat vaker. Sloofde zich een beetje uit voor deze of gene boeken. En algauw stonden ze daar samen te dollen, in die leeszaal. Waar op elke hoek en op elk zichtbaar plekje duidelijk te lezen stond: “stilte alstublieft”.
Hij vertrok, maar niet zonder te laten weten dat hij zou terugkomen, want hij was bezig met zijn thesis en hij moest bronnen raadplegen die enkel daar in de bib te vinden waren. Eén van haar oudere, vrouwelijke collega’s vroeg bij het aftekenen van de aanwezigheidslijst: “Is dat nu je vriendje?” Angie had hem nooit eerder gezien, nota bene. Maar o, ja, ’t was touche. Terwijl haar eigenlijke vriendje thuis in de zetel lag. Hij had één van z’n vele depressieve buien.
- wordt vervolgd –






Recente reacties