Vrienden. Bestaat er een hoger goed op deze aardbol? Ik dacht het niet. Of misschien… familie, maar dan (enkel) die familie die vrienden geworden zijn. Er bestaat een spreekwoord dat zegt dat je je vrienden zelf kiest, terwijl je het met je familie moet stellen. Maar ik zou velen van mijn (schoon)familieleden tegen al het goud van Congo niet willen ruilen.
Bij twee van hen waren we gisterenavond uitgenodigd voor een etentje. Het was even geleden dat we elkaar nog gezien hadden, ik bedoel, dat we de tijd genomen hadden om nog eens bij te praten. Toch leek het alsof er geen tijd was verstreken sinds de laatste keer. Dat is toch wel echt een bizar fenomeen, waarmee je feilloos je echte vrienden uit de wirwar van kennissen filtert: de tijd heeft hoegenaamd geen vat op echte vriendschappen. Bij vriendinnen die ik al ken van toen we nog kleuters waren, gaan er soms maanden, wat zeg ik, jaren voorbij voor we weer iets van elkaar horen. Maar telkens is het na vijf minuten alsof we elkaar al die tijd elke dag gezien hebben. Aan de andere kant kan het gebeuren dat je, als je iemand een tijdje niet meer gezien hebt, elkaar na de beleefdheidsuitwisselingen opeens niets meer te vertellen hebt. Met een echte vriend is dat uitgesloten.
Gisterenavond was dan ook een avondje om uit te knippen, in te lijsten en aan de muur te hangen. Heerlijke hapjes, tongstrelende wijnen, mooie achtergrondmuziekjes en een goed gesprek: meer moet dat voor mij niet zijn. Dat doen we zeker nog eens over. Binnenkort. Of later. Het doet er niet toe.