You are currently browsing the monthly archive for augustus, 2006.
Wie Kortrijk en het cultuurleven aldaar een beetje kent, kende hem waarschijnlijk ook. Mijn genereuze, goedlachse, schalkse nonkel Willy.
Hier kan je nalezen voor hoeveel mensen hij iets betekend heeft. Er staan pareltjes tussen.
En Wim Opbrouck verwoordde het zo:
Hij dronk de regen,
en hij at de wolken.
Groots en meeslepend,
in de volle volheid van
wat het leven zou
moeten zijn.
Roodgloeiend. Dampend.
Stampend. Op volle kracht.
Tot de longen vollopen.
Tot het hart stopt.
Bonkend. Bonk. Gedaan.
Hij is de zon, de sterren en de maan.
Hij is september als het regent,
april als het sneeuwt.
Hij is niet voltooid. Hij is geen verleden.
Hij is een danser. Hij danst.
Hij is van ons.
Voor altijd.
Voor altijd!
Lieve nonkel Willy. We missen je.
Dit stokje van tantieris is spek naar m’n bek.
1. Wat is voor jou het hoogste lichamelijke genot ?
ik ben *nogal* zinnelijk, dus zijn er heel wat dingen die mij in vervoering kunnen brengen. eten. drinken. luisteren naar mooie muziek. een massage. een sauna. strelen/gestreeld worden. kussen. knuffelen. douchen. zwemmen. zeilen. dansen. en uiteraard ook: vrijen. klaarkomen.
2. Wat betekent intellectueel genot voor jou ?
dat zal voor mij zoiets zijn als een goed, open, eerlijk, diepgaand gesprek, waaruit ik veel kan leren.
of schrijven (of een andere intellectuele bezigheid) waarin ik helemaal kan opgaan, de flow ervaren.
of het zinderende gevoel van eindelijk iets te snappen, waar je lang hebt op moeten sjieken. dat lampje dat ineens begint te branden boven je hoofd. wow!
3. Ken je culinaire hoogtepunten ?
ik eet graag met mijn handen. ik pruts graag aan mijn eten, dus alle vormen van fingerfood vind ik fantastisch. scampi. zeevruchten. escargots. kippevleugeltjes. alle tapas. en, als hoogste genot: sushi en sashimi.
en om te drinken: champagne of een andere goede, droge schuimwijn (cava bvb), op de voet gevolgd door rode wijn.
verder ben ik een onverbeterlijk zoetemondje. voor een echt goed stuk chocoladetaart moogt ge mij ’s nachts wakker maken.
4. Wat verschaft jou artistiek genot ?
muziek verschaft mij nog het meeste artistiek genot, denk ik. al kan niets concurreren met het helemaal weggezonken zijn in een goed boek, toch zijn goede concerten (zowel klassiek als eender welke andere) hoog genoteerd in mijn kippenvelmomenten-lijst. het Huelgas-ensemble. Arno. Dire Straits. Nick Cave. Cesaria Evora. Sinéad o’Connor. U2. Luka Bloom. Kommil Foo.
5. Aan wie of wat heb je een grondige hekel ?
aan autorijden. aan mij te moeten haasten. aan wachten/wachtkamers. aan roddelaars. aan dikkenekken. aan klagers en zagers. aan verborgen agenda’s. aan schijnheiligaards.
6. Waar kan je van genieten ?
van die momenten waarop je de tijd zou willen bevriezen omdat alles eventjes perfect op zijn plaats valt. van alles wat ik hierboven heb beschreven.
7. Wie of wat maakt je gelukkig ?
mijn ventje. mijn kinderen. mijn ouders. mijn broers. mijn schoonouders. mijn vriend(in)en. en dan vooral: hen gelukkig zien en weten.
8. Wat maakt je ongelukkig ?
onmacht. pijn en verdriet bij mijn geliefden die ik niet kan verhelpen. dat gevoel en besef van fundamentele eenzaamheid.
9. Hoe ziet je persoonlijke hemel eruit ?
rustig. geen lawaai of gestress. groen. en met veel water.
10. Wat lijkt jou de hel ?
de hel is: je eigen gedachten niet meer kunnen vertrouwen.
11. Met wie wil je wel eens een onvergetelijke nacht beleven ? Nationaal en internationaal.
op deze vraag heb ik al eens het antwoord gegeven in deze blog. ziedaar.
Lilith’s famous questions of the week:
Welke vijf dingen heb je altijd in je koelkast zitten?
alpro soja minarine, melk (voor mijn koffie verkeerd), appelsientje, een blok parmiggiano, en jonge kaas.
Welke vijf dingen heb je altijd bij je als je je huis verlaat?
mijn tas met daarin mijn sleutels, mijn gsm, mijn agenda en leesvoer (tijdschrift, boek, krant…), en oh ja, sinds ik kindjes heb: papieren zakdoekjes.
Welke vijf dingen moet je in de loop van deze week doen?
gaan werken, de wasmachine laten draaien, een tekstje schrijven voor mijn oma, die zaterdag begraven wordt… verder moet er misschien nog heel veel maar ik pas. nu even niet.
Welke vijf dingen wil je gedaan hebben voor je dertigste? (voor oudere lezers, voor je volgende voordeur..)
ik leg mezelf geen deadlines op. maar ik wil zeker mijn studies afronden, nog een opleiding afronden, een praktijk beginnen. en een lange reis maken met mijn drie backertjes. en, maar daar wordt al volop aan gewerkt: trouwen!
Welke vijf voorwerpen staan er momenteel op je wishlist? (kopen of krijgen)
een blender. een cd van Cristina Branco: Corpo Iluminado. nieuwe sportschoenen. een zeiljacht. een zonovergoten balkonnetje, achter aan ons huis.
Vrienden. Bestaat er een hoger goed op deze aardbol? Ik dacht het niet. Of misschien… familie, maar dan (enkel) die familie die vrienden geworden zijn. Er bestaat een spreekwoord dat zegt dat je je vrienden zelf kiest, terwijl je het met je familie moet stellen. Maar ik zou velen van mijn (schoon)familieleden tegen al het goud van Congo niet willen ruilen.
Bij twee van hen waren we gisterenavond uitgenodigd voor een etentje. Het was even geleden dat we elkaar nog gezien hadden, ik bedoel, dat we de tijd genomen hadden om nog eens bij te praten. Toch leek het alsof er geen tijd was verstreken sinds de laatste keer. Dat is toch wel echt een bizar fenomeen, waarmee je feilloos je echte vrienden uit de wirwar van kennissen filtert: de tijd heeft hoegenaamd geen vat op echte vriendschappen. Bij vriendinnen die ik al ken van toen we nog kleuters waren, gaan er soms maanden, wat zeg ik, jaren voorbij voor we weer iets van elkaar horen. Maar telkens is het na vijf minuten alsof we elkaar al die tijd elke dag gezien hebben. Aan de andere kant kan het gebeuren dat je, als je iemand een tijdje niet meer gezien hebt, elkaar na de beleefdheidsuitwisselingen opeens niets meer te vertellen hebt. Met een echte vriend is dat uitgesloten.
Gisterenavond was dan ook een avondje om uit te knippen, in te lijsten en aan de muur te hangen. Heerlijke hapjes, tongstrelende wijnen, mooie achtergrondmuziekjes en een goed gesprek: meer moet dat voor mij niet zijn. Dat doen we zeker nog eens over. Binnenkort. Of later. Het doet er niet toe.
Deze middag zijn we met ons drietjes (mijn twee collegaatjes van de personeelsdienst en ik) taart gaan eten in Arcadi. Zomaar. Omdat we daar zin in hadden, omdat we blij zijn met elkaar als collega’s.
Ik heb een o-ver-heer-lijk stuk frambozen-meringue gegeten. Een fantastisch lekker stuk taart, te meer omdat de taartbodem van kruimeldeeg was, mijn all time favourite. Voor mij kan wat erop ligt nog zo goed zijn, als de bodem slap is, dan is de taart verknoeid. Dus voor mij geen gâteau, of natte bladerdeeg (the horror), nee, voor mij graag een stevige croûte. Mmmmmmmmmmmmmmmmmmmmm…
In mijn zoektocht naar een fotootje om dit alles te illustreren, kwam ik uit bij de site van ene (misschien wel superbekende) Matthew Klein. Kan die even foodfoto’s maken!
Die boterham met choco, zalig.

Anyway, als je ooit nog eens in de buurt van het Brusselse centraal station bent, wanhoop dan niet als je net je trein gemist hebt… of beter nog: laat die trein er gewoon expres voor rijden: zo’n taart, dat vind je nergens anders.
Zondag hebben we mogen profiteren van een zeldzaam mooie zomerdag aan zee: meer moest dat niet zijn. Na die rottige, moeilijke week kwam zo’n ontspannend uitje op het strand met onze kadeekes als geroepen.
Later die dag, aan tafel tijdens onze snel-snel geïmproviseerde bbq, begonnen Arne en Lisa vragen te stellen over wie nu de broer/zus van wie is. Dat houdt hen de laatste tijd nogal bezig. Dus wij deden de hele uitleg: mama is de zus van nonkel Maarten en van nonkel Hannes, papa is de broer van tante Els. En mama heeft in de buik van mamie gezeten. Het leek erop dat ze volledig konden volgen. Dus vroeg ik hen: “en wie heeft er in de buik van omi gezeten?” (Dat is dus de mama van hun papa.) Het antwoord van Lisa: “Opa!”
Hilariteit. Want geef ze maar eens ongelijk
.
De vraag die niet, nooit meer een antwoord zal krijgen.
S. is er niet meer.
Morgen wordt hij begraven.
Hij verloor zijn zoontje, nu verliest zijn vader zijn zoon.
En zijn andere zoontje verliest zijn vader.
Ik laat Thé Lau het zeggen, want die kan het zoveel beter.
Feest – The Scene
Hier is het eind, het eind van het feest
Kom, we gaan naar beneden
De bloemen zijn dood, de flessen zijn leeg
Het was mooi, maar nu is het verledenJij was zo mooi, jij was
prachtig, maar jij
Jij hebt je strijd nu gestredenDe menigte weg, de herrie verstomd
Wat het waard was zal moeten blijken
Kom met me mee, stap uit de zon
De wereld hoeft nu niet te kijkenJij was zo mooi, jij was
prachtig, maar jij
Jij hoeft niets meer te bereikenHemelvaartsochtend, heldere zon
Kom, we gaan naar beneden
Het feest is geëindigd zoals het begon
Lach nog eenmaal voor mij, wees tevredenJij was zo mooi, jij was
prachtig, maar jij
Jij hebt je strijd nu gestreden
Jij was zo mooi, jij was
prachtig, maar jij
Jij hebt je strijd nu gestreden
De Monte Rosa. Van zodra ik ze heb, zal ik foto’s flickren. Want wat een dame. Wat een grandeur. Ik was vergeten hoe mooi Zwitserland wel niet was. Sinds ik er op mijn tiende met m’n nichtjes en oma en opa en op m’n veertiende met de CM geweest was, heb ik er eigenlijk nooit meer aan gedacht als vakantiebestemming. Maar de Alpen geven je een echt sound of music-gevoel. Meer dan eens kon je trouwens onze versies van “My favourite things” of van “Lonely goatherd” boven de bergtoppen uit horen borrelen, op die (schaarse) momenten waarop we nog adem over hadden om te zingen.
Het was superzwaar. Elke dag een col buiten categorie over. En dan helemaal terug afdalen tot in het dal. Maar wat een prachtige vergezichten kregen we ervoor in de plaats. Wat een heerlijke groene valleitjes met een krinkelend bergriviertje door, zo weggelopen uit een promofilmpje (dat ze waarschijnlijk elke dag op de Japanse tv draaien, want Brugge, eat your heart out, maar zoveel Japannertjes tegelijk als in Zermatt, ça c’est du jamais vu). Wat een kathedralen van bergen, puur uit rots en eeuwige sneeuw. Wat een stilte. Om niet te spreken van die liters gevoelens van eigenwaarde en trots die ze ons lekker nooit meer kunnen afnemen. Want we hebben het toch maar gedaan.
Wie nog nooit slecht geslapen heeft, nog nooit gezweet, nog nooit kou geleden, nog nooit gezegd heeft “nu is het echt de laatste keer geweest dat ik dit doe”, maar ’s anderendaags toch weer vertrekt, die is nog nooit in de bergen geweest. Ik zweer het. Het is vloeken, verbijten, zuchten, huilen. Maar het is fantastisch. Eens in de hut halen we de speelkaarten boven. En we amuseren ons te pletter. De slappe lachbuien zijn even talrijk als de traantjes die tijdens de tocht zelf vergoten zijn. Nergens doet een douche nemen meer deugd dan in een berghut, met 1600 meter stijgen en daarna terug dalen in de benen (en dan vooral in de knieën). Nergens smaakt een bord dampende pasta beter.
Als je op voorhand wist waaraan je begon, je zou het nooit doen. En toch. Ik zou het iedereen aanraden.
De maand juli is voorbij. Wat een maand, met zowel letterlijk als figuurlijk hoge hoogtes en diepe dalen. Er is zoveel gebeurd. Ik weet gewoon niet waar te beginnen. Ik zal het in stukjes en brokjes bloggen, voor zover ik er de tijd voor vind.
Maar eerst ga ik naar mijn kleine, lieve oma in Ieper. Ze zal niet lang meer bij ons zijn. Na 89 jaar. Nu vinden de dokters het geen goed idee meer om haar nog aan allerlei ingewikkelde machines te hangen. En zijzelf vind het denk ik ook genoeg geweest. Al is dat moeilijk te zeggen. Ze zit al jaren met haar geest in de schemerzone die Alzheimer heet.
Dag, omaatje. Die zo goed kon koken. Die zo graag kaartte. Die zo mooi kon zeggen: “Zalihen Oegtag” (Zalige Hoogdag). In dat sappige Westvlaams van haar.
Ik wens haar nu hetzelfde toe. Zalige Hoogdag. Voor altijd.






Recente reacties