Het bestaat. Ik zit ermee. En het doet zeer.
Ons tripje door Picardië was super. Vanavond zal ik zeker nog eens foto’s online zetten, dat is al sinds Venetië geleden merk ik met het diepste schaamrood op mijn wangen.
We zijn woensdagavond vertrokken, het goede weer tegemoet, naar Frans-Vlaanderen. Na een korte stop in Ronse, zijn we in Hazebrouck beland, waar we logeerden op de boerderij. Donderdag beklommen we de Mont des Cats, waar een abdij met nog levende paters is gevestigd. De abdij zelf kan je niet bezoeken, maar hun winkeltje wel, en ze maken heerlijke kaas. Het uitzicht is er schitterend, op een idyllische vallei, lentegroen met wat stipjes zwart-witte koeikes. in Cassel vlijden we ons neder op een terrasje in de zon, en nadien reden we zuidwaarts, naar Saint-Riquier. Waar volgens mijn nonkel de oorsprong van de Deryckeres ligt. Verre achterneven zijn we er niet tegengekomen, wel een schitterende abdij, die baadde in het avondlicht. We hadden er een kamer bij een koppel dat al 62 jaar gelukkig getrouwd is! Heel hun leven samen op hun boerderij gewerkt. ‘t Deed ons wel iets. Vrijdag stond de Somme-vallei op het programma. Het was prachtig weer. We hebben een wandelingske gemaakt op het strand van Le Crotoy en daarna lekker gaan eten, de trotter stelde wederom niet teleur. De chef had een enorme moustache en maakte “lichte” gerechtjes, “comme moi”, zei hij dan, terwijl hij met beide handen zijn dikke buik vastpakte. We hebben onze duimen en vingers afgelikt. Nadien zijn we nog even langs de kust blijven rijden, Saint-Valéry, Ault, Mers-les-Bains… schoon. Ik heb iets met die falaisen, echt. Krijtrotsen en zee, een sublieme combinatie. ’s Avonds sliepen we in een voormalige watermolen, waar we volgens de routard konden genieten van het “glouglou” op de achtergrond. Het was er prachtig, en we waren er zo goed als alleen. Een flesje wijn, wat brood en kaas, en meer moest dat niet zijn, daar op ons terrasje in de avondzon. Frankrijk is en blijft een godenland. Zaterdagochtend zijn we de kathedraal van Beauvais gaan bezoeken. Wauw. Echt. Als je daar in dat koor staat, lijk je rechtstreeks opgenomen te worden in de hemel. Zo te worden overspoeld met licht. Een unieke ervaring. Nadien reden we via Compiègne en de bossen errond, waar we even in verdwaalden, naar Laon. Een schitterend stadje, bovenop een kluit aarde in een voor de rest vlak landschap, met een prachtige kathedraal, wondermooi verlicht ’s avonds. Vooral de torens zijn prachtig, met de ossen erop die in gedachten verzonken van het uitzicht staan te genieten. Een perfecte afsluiter van een heerlijk bende-van-Tim-tourke. Dit wordt een klassieker, zo in de meimaand. Ik zeg het u.
Recente reacties